08 mei 2021

Paprika op haar heupen

 De vrouw heeft heupen. Alle vrouwen hebben heupen, denk ik. Mijn vrouw heeft heupen en heeft het op haar heupen. Ze heeft teveel heupen, zegt ze.


Daartoe heeft ze een waarzegster geconsulteerd. Deze energetisch werkster - mijn werkster van vroeger kwam uit Brazilië en heette Maria maar energetisch kan ik me niet herinneren, wel lachen altijd, na jaren schoonmaken zei ze: “Ik ga terug naar Brazilië, ik heb nu drie huizen, dat moet genoeg zijn.” Ik dacht even dat ze drie schoonmaakhuizen bedoelde maar ze had gewoon drie huizen gekocht maar dit terzijde - mijn geënergitiseerde  vrouw had ontdekt dat ze geen tarwe meer mocht. Hupla,  in één klap de helft van de ingrediënten in de keuken de deur uit. Alles wat je niet zelf maakt,  bevat suiker en tarwe. Of ik zonder kon koken. Anders rommelde ze zelf wat in elkaar. Dat laatste zijn momenten waar ik als de dood voor ben. Dat in elkaar rommelen. 

Tarwe en het liefst suikerloos, hemelse goedheid.

Zet water op met kip. Filet of heel, wat je maar wilt. Poten, dijen, het maakt niet uit. Breng aan de kook. Laat drie minuten doorkoken en draai uit en laat rustig afkoelen. Er gebeurt een wonder, de kip wordt bouillon en kippenvlees.  

Neem van de bouillon en aanvullend water en kook daarin stukken paprika, ui en aubergine. Tegen gaar aan. Kieper in de blender. Blend. Tot het soep is. Terug in de pan. Blikje maïs erbij, fijn gesneden kippenvlees erbij. Zout en peper en een beetje foelie. Laat zachtaan brubbelen. 

Smelt wat boter en strooi er boekweit over. Roer tot je een dikke saus hebt, beetje melk, je kent het wel. Geraspte jonge kaas erbij. Laat even doorkoken, doe er wat van de soep bij, meng weer, kiep dan het geheel bij de soep. En dan nog een keer magisch met de lepel door de soep. Wat zat er nog meer in? Ik denk een beetje karwijzaad, ik denk wat paprikapoeder. Ik denk twee soorten peper, ik denk wat zout, maar zeker geen tarwe en suiker en zo had ze het althans die avond niet meer op de heupen.  

14 april 2021

Lekker LekkerBekkie l

“Javaanse sambal,” zei mijn vrouw, en draaide de pot open. Ze had de sambal bij een biowinkel gekocht. Dat wil zeggen bijna twee euro duurder dan de adviesprijs, zag ik net.

Javaans? Is dat een aanduiding voor een type sambal? Ik weet het niet. Even lezen. Er zit suiker in en tomaten. Uien knoflook, madame jeanette, pepers, zout, gedroogde garnalen (trasi denk ik) en dan nog wat niet nader genoemde specerijen en kruiden.

De goede verstaander weet het al. Madame Jeanette!!! Surinaams. Dit is Surinaamse sambal, en dan Javaanse stijl, volgens de Surinaamse koks dan.
Zoet, erg zoet bij de eerste hap. Het valt me vaak op dat de Surinaamse keuken uitgesproken is. Zoet is meteen Een-Heel-Pak-suiker-zoet. Heet is Bel-De-Brandweer en kip is 10-blokjes-Knorr. De Surinaamse keuken is de naast de Indische smaragd de tweede, volstrekt onverdiende, edelsteen in de Nederlandse keuken. Surinaams is een krankzinnige mengkeuken, met delen Pakistaans. Indisch, Chinees, joods en Creools.

Dus gebruiken Surinamers sambal. En maken ze sambal. Overigens wordt deze Javaanse Surinaamse sambal denk ik niet in Suriname gemaakt. Er staat op dat het komt van LekkerBekkie, een bedrijf dat zeker ooit Surinaamse ingrediënten importeerde. Nu zit het in Zoetermeer. Maar LekkerBekkie laat het product komen van Heuschen&Schrouff. Een echt Nederlandse naam, ezelsbruggetje Broekje&Schroef.
Heuschen&Schrouff zegt echt niet waar hun producten vandaan komen. De hele website afgespeurd. Ze zitten in Landgraaf. Daar is geen productielijn, ik ben er naartoe gezoomd met de google maar het lijkt niet op een voedingsfabriek. Waar wordt het dan gemaakt, want wanneer je het echt helemaal uit Suriname haalt, dan schrijf je dat er toch op?

Ze hebben ook een winkel waar je kruidenmengels uit Arabische, Aziatische, Caribische en Afrikaanse landen kunt kopen. Daar ga ik echt volgende week naar toe en reken maar dat ik kofferbak van de auto helemaal vol gooi.
En toch, hè, ik denk dat er ergens in Nederland een fabriek is waar al dit lekkers wordt gemaakt. Geeft dat wat? Dat geeft niets!
Beleef de Surinaamse cuisine met LekkerBekkie! Heerlijke sambal met Javaanse kruiden. Met authentieke volle smaak. Oh, en hou je vast, daar komt de mokerslag: Authentiek Javaanse Oma’s recept. Oma, oma wat mis ik je toch. En wat sta jij in de hemel veel te koken. Je hebt de wereld meer recepten gegeven dan ik, en dat wil wat zeggen. Dag oma!
Wat? Of die sambal lekker is? Natuurlijk is die lekker. Zoet, mild eigenlijk, met een klein prikje van de Madame. En die authentieke Javaanse kruiden...hahahahaha. Dat horen dan sereh, laos, djahé, gember en kentjoer te zijn, zegt Tante Julie, van het bedrijf Sorgh&Hoop, alweer een Surinaams bedrijf. Het begint met te dagen. Dat Javaans is een Surinaamse aanduiding voor Indisch, in het geheel.
Er staat nog iets op het potje. Mijn dag kan niet meer stuk. “ Lekker bij patat, borrelhapjes, kroket, pizza of broodje ham/kaas.”

09 april 2021

Aperges uit glas


“Ja, heerlijk,” zei Petri jaren geleden toen ik zei dat ik niets in huis had behalve asperges uit glas. Ik bedoel niet achter glas, in bedoel uit een glazen potje. Geschild, gekookt, alleen warm maken en zelfs dat hoeft niet. Daar wist ik wel een recept voor en een half uurtje later zaten we naast elkaar op mijn balkon in Amsterdam Oost door de bladeren en de planten door naar de buiten heen en weer lopende buren te kijken en die natuurlijk zwaar te beroddelen waarbij we regelmatig uitriepen dat we het echt niet zo meende, maar dan toch.

Belangrijk uit bovenstaande zijn de asperges uit glas. In Spanje was ik al vaker asperges in glas en in blik tegengekomen. Knoertdikke asperges. Zes in een blik, 30 euro, Piilink! Je hoort de euro’s in de kassa vallen. 

Petri weet daar meer van want die woont een soort van in Portugal en dat is een soort van Spanje. “Dat is een traktatie voor de Kerst,” vertelt ze. 

Petri en ik zijn gek op asperges uit blik of achter glas. Ik zorg altijd dat ik een pot of wat in huis heb, want je weet nooit echt zeker wanneer Petri nu wel of niet in Portugal woont en of ze wel of niet komt eten.  Ik herinner me vaag een schotel met linzen, eieren, een beetje van al het groen dat er in de plantenbakken groeide, limoensap en verse mayonaise. Maar ik weet ook nog een keer met schelvislever. En een keer met champignons achter glas, want eenmaal lekker is alles lekker.

Gisteren kwam er een doos. Van het Nederlands Asperge Centrum. Met asperges, een theedoek, boter en wijn. “Eten,” vroeg ik mijn vrouw, maar ze kreeg niet de geheimzinnige lach waarvan je weet dat je raak hebt geschoten.  

Iets ongerust zette ik de doos koel. En vandaag bleek dat het goed was. De bel ging en het was vandaag een dag dat Petri niet in Portugal woont. Snel schillen en in een natte doek wegzetten. Kontjes er af. Kontjes met schillen in het water dit lekker laten trekken, laag vuur, klein beetje koken, lever niet echt echt koken, trekken en dat mag wel een uur. Dan vis je de schillen en de kontjes er uit. Dan het je aspergebouillon, en daar ga je de asperges in koken.

En opeens staat oma weer naast me. “Heb je het niet naar je zin, daar in de hemel? Je staat steeds maar naast me, als ik kook?” Ze lacht: “Gekkerd,” zegt ze, “ik ga toch zo weer terug,” en port me even met haar schouder, zoals ze altijd deed. “Ik wilde alleen maar zeggen dat je de suiker niet moet vergeten. Niet veel, maar een beetje suiker en een beetje zout. Ik ga weer!” “Doe je de groeten aan God,” zei ik nog en heel zachtjes hoorde ik “Gekkerd” zoals alleen oma dat kon zeggen.


Vroeger at je eenmaal, misschien tweemaal per jaar asperges. Dan moest het een vertrouwd recept  zijn, er mocht niets fout gaan. Nu is dat anders. We kunnen het veel vaker eten. Dus mag het ook anders. Doe boter in een brede pan. Liefst een koekenpan met hoge rand. Laat zachtjes beginnen te bruisen. Leg de asperges er in. Bedek ze rondom met de boter. Opeens gaan ze geuren. Dan, precies dan de aspergebouillon erbij tot ze net onder staan, een dun laagje dus. beetje zout, beetje suiker. Zet het vuur hoog en dan hoor je opeens de boter weer knetteren. Dan zijn de asperges prachtig. 

Een beetje sishoblad, heel fijn gesneden, tahoon cress mag ook, als je het krijgen kan. Ik hoef er geen dikke botersaus bij, eerlijk gezegd. Jonge aardappels wel, ham natuurlijk, nog wat extra warme boter en een klein schaaltje appelazijn. En weet je: Petri kan me geen groter compliment maken door te zeggen: “Het smaakt net als uit het glas.”

 


07 april 2021

De bloemkool is een dame.

 Bloemkool is een dame. Een zedige dame. In haar mooie groene rok kan ze dagenlang roerloos in de groentenlade liggen. Haar nicht de broccoli is heel anders, die gaat steeds geler liggen blozen, een beetje opdringerig , blote benen en hier ben ik, neem me dan!

Dat laatste is leuk voor haastige mannen maar mannen die van vrouwen houden, houden van bloemkool.
Samen en in goed overleg hielp ik haar uit haar rok. Iets beschaamd hoewel we inmiddels flink vertrouwelijk waren, dook ze in een pan die haar net omvatte. Ze huiverde even van het koude water. Maar al gauw was het niets dan vreugde. Even aan de kook. Meer niet. Haar witte kroon was niet eens in het water geweest, het vocht kwam van drupjes stoom.

Dan uit de pan, uitlekken, beetje gerookte paprika over de witte dame. En flinke slokken zaligverklaarde Griekse olijfolie. Ik legde haar op een ovenschaal. Aan haar voeten een zestal marguezworstjes als dienaren, erbij wat in de lengte doorgesneden puntpaprika, als vermaak. Een flinke scheut gezeefde tomaat, wat zout, wat peper. Wat gedroogde oregano. In de oven was het stevig warm. Ze snapte het wel, ze wierp me een kushandje toe en de deur sloot, een dik uur.
Voor het opdienen nog wat frisse olijfolie over de mooi gebruinde bol bloemkool. In plakken snijden. Paprika en bloemkool, mmm, het was net of ik haar nog even zachtjes hoorde zuchten.

En bloemkool in roosjes slopen? Nooit meer doen. Dat hoort niet bij een dame.

Varkenshaas in de Bastard

 30 maart 2021

Mijn Ierse schoonmoeder maakte varkenshaas die knapperig van buiten was en zo gaar dat het niet erg meer was. Ze gingen de oven in. Opgerold. Nog wat stuffing in het midden. Veel tijm, wat ui, geweekte broodkruimels. De eerste keer schrok ik. Oh jee, te lang in de oven. Ze sneed er plakjes van en deed er een dikke bruine jus over. Op tafel Colman’s Mustard. Voor erbij. Dat vlees was niet droog, was niet te hard, zelf niet na anderhalf uur in de oven.

De Bastard aan. Zoals bijna iedere dag. En dan de dikke en met mosterd ingesmeerde varkenshaas op het directe vuur. Even. Daarna indirect. De meter geeft 120/130 aan. En laten staan. Na een uur draai ik de zuurstof dicht. En na nog een uur mee naar de keuken. Dat voelt geweldig, dat mooie stuk vlees in mijn handen. Op een houten plank. Mes er door, de allerdunste plakjes. In de pan ernaast groene asperges die met een klont boter en witte wijn van hard naar zacht zijn gegaan. Ik denk terwijl ik het eerste plakje eet. Het buitenrandje is knapperig, binnenin zacht maar helemaal niet droog. Dat aspergewijnvocht nog met wat boter voller maken? Of druppels tomaatvocht? Ja, dat laatste nog. En wat verse postelein uit de tuin. Oh, jee,
ik zou dit niet meer doen, toch? Ik ben toch gepensioneerd?

10 maart 2021

Over mijn porno-snor en die van Stalin en Dali

 

Is een snor boven een baard eigenlijk wel een snor?

Gisteravond zag ik dat mijn snor veel te groot en te vol is geworden. Het is dat ik een baard heb, maar zonder die baard leek het me een porno-snor ook wel een Schimanski genoemd.
Het is lastig zelf een snor te knippen. Knip je met rechts bijvoorbeeld, dan knip je het linker gedeelte perfect, maar het rechterdeel is bij voorbaat al scheef. Hetzelfde geldt natuurlijk voor linkshandigen, die eindigen na een zelf-knipbeurt (klinkt net zo vies als porno-snor) met een scheve rechter snordeel. Ho, wacht even, hebben de twee delen van een snor nog een eigennaam?
Snor opgezocht op Wiki. En wat een lol. Wiki kent 11 soorten snorren. Opeens voel ik me niet zo porno meer. Ik kopie/plak even...
Borstelsnor Dikke snor die aan het uiteinde van een borstel doet denken. Bekende dragers zijn Friedrich Nietzsche en Jozef Stalin.
Dali - Smalle lange punten opwaarts gebogen. Gebied voorbij de mondhoeken wordt afgeschoren. Bekende dragers zijn Salvador Dali en Claude Maxwell MacDonald.
Engelse snor - Smalle midden boven de bovenlip ontspruitende, lange naar de zijkant getrokken snorharen, met de punten licht omhooggekruld. Gebieden voorbij de mondhoeken zijn geschoren. Een bekende drager is Hercule Poirot
Fietsstuursnor - Borstelige snor, met kleine, lange naar boven wijzende puntjes. Een bekende drager is Pancho Villa
Fu Manchu-snor - Lange, maar dunne puntige hangsnor, die tot onder de kin uitkomt. Een bekende drager is Fu Manchu
Hoefijzersnor - Snor die op een omgekeerd hoefijzer lijkt. De verticale uiteinden krullen voorbij de mondhoeken naar de kaken. Bekende dragers zijn Hulk Hogan en John Lennon (op de hoes van Sgt. Pepper's Lonely Hearts Club Band)
Kaiser-snor - Snor met extravagant omhoog gekrulde punten. De ijdele en snoeverige Duitse keizer Wilhelm II droeg deze en zijn snor was dan ook een dankbaar object voor karikaturale afbeeldingen van hem.
Moustachio of hangsnor - Lange snor met punten die tot onder de kin hangen. Lijkt op de "Fu Manchu", maar is veel dikker. Bekende dragers zijn Emiliano Zapata, Ambiorix, Vercingetorix en Asterix
Potloodsnorretje - Smal, zorgvuldig getrimd snorretje op de bovenlip dat veel ongeschoren plek overhoudt tussen neus en snor. Bekende dragers zijn bijvoorbeeld John Waters, Errol Flynn en Clark Gable.
Tandenborstelsnorretje of Chaplinsnorretje - Dikke snor die op een vierkant blokje lijkt. Bekende dragers zijn Charlie Chaplin, Oliver Hardy, Robert Mugabe en Adolf Hitler.
Walrussnor - Dikke, borstelige hangsnor met lange uiteinden die aan een walrus doet denken. Bekende dragers zijn Otto von Bismarck, Paul Teutul sr., Professor Gobelijn en Yosemite Sam.
Dank Wiki.
Een beetje teleurstelling toch, want ik vind mijn snor er niet bij. Gewoon een bijna witte snor die boven de mondhoeken heel licht de neiging heeft op te krullen. Ik keek het geval nog even aan, haalde mijn schouders op en bedacht me dat het handig zou zijn om weer een kammetje te kopen omdat het oude kammetje nu echt niet meer tevoorschijn zou komen, en ik er mijn snor mee recht zou kunnen houden. Plus een eventuele eigen-knipbeurt (net zo ranzig) zag ik met vertrouwen tegemoet want ik ben wel rechts maar ook heel veel links.
Te bed met een grijns om al die snorren, hoefijzersnor, fietsstuursnor. Ik had nog ergens gelezen over snornetjes. Ja, kijk maar even… snor-netjes. Maar ik las natuurlijk ook snorne-tjes. Waarvan ik dacht dat het klonk als snolletjes, maar dan liever. De slaap kwam snel.
Zes uur in de morgen. Eindelijk wakker. De droom was me weer veel te reëel. Het was namelijk zo, dat ik dus geen baardborstel had en ik die heel dringend nodig had.
Nee, het kon niet zonder. Ik moest er meteen voor zorgen. Waar haal je toch een baardborstel vandaan. Een baardborstel, zelf in mijn dromen merkte ik dat het woord allitereerde. Snel nu, het landschap was prachtig daar niet van, maar wel oneindig leeg. Geen enkel uithangbord met een baardborstel er op. Dan maar verder rennen. Jeetje, kon ik echt wel zo ver hardlopen, normaal was ik nu echt wel buiten adem. Verder jongeman, de krantenwijk even tussendoor en de vuilniszakken buiten zetten, heb je kolen gescheept, maar nergens een baardborstel. En toen kwam de klap, ik wist opeens dat als ik de baardborstel eindelijk zou hebben gevonden, ik dan ook nog op zoek moest naar de snorrenkam. Eventueel de snorpoetser, maar of die nog zouden bestaan? Ik schoot wakker. Wilde weer inslapen maar telkens wanneer ik bijna de slaap in kwam, kwam de baardborstel terug, die had ik nog niet. Zoeken, zoeken…
Wakker, eindelijk wakker, echt wakker. Ik keek op mijn horloge om te zien of het al mocht, wakker zijn. Het mocht, half acht, dan mag je wakker blijven. 03-03 zag ik op de datumaanduiding op de wijzerplaat. 03-03? Dan zijn de kappers weer open, toch? Gauw Antonio, de Barbier in Wijk bij Duurstede bellen. Half acht, nee, dat is te vroeg, even de ogen nog dicht. Ik droomde weer, van omhoog gekrulde snorren. Best leuk, een beetje ondeugend, niks porno.